ECLI:NL:RBGEL:2024:4572
Rechtbank Gelderland · 17-07-2024 · zaaknummer 05-169816-23
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van een poging tot zware mishandeling. Verdachte heeft de weerloze, op de grond liggende aangever met de vuist in het gezicht gestompt terwijl zijn medeverdachte hem tegen het hoofd heeft getrapt. Zowel het met kracht met de vuist stompen tegen het gezicht als het op het hoofd trappen van een op de grond gefixeerd liggende persoon levert een aanmerkelijke kans op zwaar lichamelijk letsel op. Aangever is ernstig gewond geraakt en medisch ingrijpen was noodzakelijk. De geweldshandelingen vonden plaats in een uitgaansgelegenheid. De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk. De rechtbank wijst de vordering van de benadeelde partij hoofdelijk toe tot een bedrag van € 774,97 aan materiële schade en € 3.500,00 aan smartengeld, met toekenning van de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Voor het overige wordt de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering verklaard.
Rechters
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
