ECLI:NL:RBGEL:2023:5646
Rechtbank Gelderland · 04-10-2023 · zaaknummer 424082
Inhoudsindicatie
Borgstelling an sich niet betwist. Daarmee voldoende aannemelijk geworden dat een overeenkomst van borgstelling is overeengekomen. Ontbreken van dwingende bewijskracht leidt op zichzelf niet tot de conclusie dat de overeenkomst van borgtocht in een kort gedingprocedure niet voldoende aannemelijk is gemaakt. Bovendien lijkt geen sprake van particuliere borgtocht als bedoeld in artikel 7:857 BW. In dat geval is ook geen goedschrift vereist voor dwingende bewijskracht in de zin van artikel 158 Rv. Hoofdelijke veroordeling tot voldoening van de geldvorderingen toegewezen.
Rechters
Advocaten
- C. van der Wijk
- D. Stikkelbroeck
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
