ECLI:NL:RBGEL:2022:67
Rechtbank Gelderland · 13-01-2022 · zaaknummer 19-5155
Inhoudsindicatie
Invordering van een dwangsom, oplegging last onder bestuursdwang in verband met realisering toiletgebouw. Het bezwaar tegen het invorderingsbesluit mocht ongegrond worden verklaard. Hoewel eisers niet zijn gehoord voorafgaand aan het nemen van het invorderingsbesluit, kon dan gebrek in de bezwaarfase worden gepasseerd met toepassing van artikel 6:22 van de Awb. Ten aanzien van de oplegging van de last onder bestuursdwang geldt dat verweerder bevoegd is om handhavend op te treden en dat er geen redenen zijn om van handhaving af te zien. Er is geen concreet zicht op legalisering. Onder verwijzing naar de uitspraak van de rechtbank in zaak nummer 19/5154 overweegt de rechtbank dat eisers zich niet met succes kunnen beroepen op gemaakte afspraken over het indienen van een voorontwerp-bestemmingsplan. Het beroep is ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[eiseres]
eiseres · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van West Maas en Waal
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van West Maas en Waal
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
