ECLI:NL:RBGEL:2020:580
Rechtbank Gelderland · 20-01-2020 · zaaknummer AWB-19_2046
Inhoudsindicatie
Het met het civiele vonnis civielrechtelijk vaststaan van de bewaarneming maakt in dit geval niet dat feitelijk daadwerkelijk sprake is geweest van bewaargeving/bewaarneming. Het is aan eiser om in deze bestuursrechtelijke procedure met objectief verifieerbare bewijzen aannemelijk te maken dat hij niet over het geld, waaronder het bedrag uit de gestelde bewaarneming, kon beschikken. Eiser is daarin niet geslaagd. Niet ten aanzien van het bedrag uit de gestelde bewaarneming, maar ook niet ten aanzien van het overige aangetroffen geld.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Het college van burgemeester en wethouders Arnhem te Arnhem
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Het college van burgemeester en wethouders Arnhem te Arnhem
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
