ECLI:NL:RBGEL:2020:1802
Rechtbank Gelderland · 11-03-2020 · zaaknummer ARN 18/6033 en ARN 18/6039
Inhoudsindicatie
Inkomstenbelasting. Zakelijke zekerheids- en borgstelling. Verweerder heeft gesteld dat eiseres door het aangaan van de hypothecaire zekerheidsstelling en de borgstelling een risico heeft aanvaard dat een onafhankelijke derde niet zou hebben genomen. Eiseres heeft gewezen op de borgstellingsvergoeding van 1%, het eigen vermogen en de winst. De rechtbank is van oordeel dat verweerder aannemelijk heeft gemaakt dat geen onafhankelijke derde tegen een vergoeding van 1% - of welk percentage dan ook- bereid zou zijn geweest een zelfde zekerheids- en borgstelling te aanvaarden, onder dezelfde voorwaarden en omstandigheden. De zekerheids- en borgstelling gelden voor alle bestaande en toekomstige verplichtingen. Aldus is feitelijk sprake van een in de tijd onbegrensde aansprakelijkheid zonder dat daar een marktconforme vergoeding tegenover staat. In haar overwegingen heeft de rechtbank meegenomen dat bovendien sprake was van een risicovolle onderneming. Geen gewekt vertrouwen. Geen redelijke tegemoetkoming. Beroepen ongegrond.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
