ECLI:NL:RBGEL:2018:4564
Rechtbank Gelderland · 18-09-2018 · zaaknummer C/05/342134 / JE RK 18-1146
Inhoudsindicatie
Op grond van artikel 20 van de Verordening Brussel II Bis is de Nederlandse rechter bevoegd om spoedmaatregelen te treffen. Ten tijde van het uitspreken van de VOTS en de spoeduithuisplaatsing verbleven de kinderen in Nederland en dus was de Nederlandse rechter bevoegd. Deze rechter is nog steeds bevoegd, ook al zijn er inmiddels enkele weken verstreken zijn, omdat het nog steeds gaat om dezelfde procedure. Voor de onderhavige procedure is het dan ook niet relevant of de minderjarigen gewoonlijk in Nederland of in Groot-Brittannië verblijven. Het vermoeden is nog steeds gerechtvaardigd dat de minderjarigen ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd. VOTS nog nodig. Indien de minderjarigen gewoonlijk in Groot-Brittannië verblijven, moeten de minderjarigen overgedragen worden aan de Britse autoriteiten. Het is dan vervolgens aan die autoriteiten om te onderzoeken of (een voortzetting van) kinderbeschermingsmaatregelen noodzakelijk is. Een VOTS volstaat niet, er is ook een uithuisplaatsing voor de duur van de VOTS nodig. Het risico bestaat dat moeder met de minderjarigen zal vluchten, waardoor de minderjarigen (weer) buiten het zicht geraken.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
