ECLI:NL:RBGEL:2018:4537
Rechtbank Gelderland · 22-10-2018 · zaaknummer AWB - 16 _ 7933
Inhoudsindicatie
De gemeente heeft door middel van een opslag op het ozb-tarief voor niet-woningen belasting geheven en als subsidie verstrekt aan het ondernemersfonds. De rechtbank overweegt dat de vaststelling van het ozb-tarief een zelfstandige bevoegdheid is van de gemeenteraad. De belastingrechter is in beginsel niet bevoegd om over de tarieven te oordelen, tenzij de tariefstelling of tariefstijging in strijd is met een hogere wettelijke regeling, leidt tot een willekeurige of onredelijke belastingheffing die de wetgever bij het toekennen van de bevoegdheid niet op het oog kan hebben gehad, dan wel in strijd is met enig rechtsbeginsel. Naar het oordeel van de rechtbank zijn de in de Verordening op de heffing en invordering van onroerende-zaakbelasting 2016 opgenomen ozb-tarieven voor niet-woningen niet strijdig met de (formeel) wettelijke bepalingen. Ook ziet de rechtbank geen aanleiding om te oordelen dat de tariefstelling of tariefstijging van de ozb in dit geval leidt tot een willekeurige of onredelijke belastingheffing die de formele wetgever niet voor ogen kan hebben gehad, dan wel in strijd is met enig rechtsbeginsel.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
