ECLI:NL:RBGEL:2017:1863
Rechtbank Gelderland · 06-04-2017 · zaaknummer AWB - 16 _ 445
Inhoudsindicatie
Navorderingsaanslagen IB/PVV met vergrijpboetes. In geschil is - naast de vraag of sprake is van een nieuw feit en schending van het vertrouwensbeginsel - of de inkomsten van eiser zijn aan te merken als winst uit onderneming of als loon uit dienstbetrekking. Verweerder heeft toegelicht dat de feiten die hebben geleid tot het onderzoek dateren van na de datum van de vaststelling van de primitieve aanslag. Gelet op de omstandigheden van het geval is geen sprake van ondernemerschap. Daarbij hecht de rechtbank met name waarde aan de vaste vergoeding per maand, en daarnaast de omvang en duur van de overeenkomst, het feit dat werkzaamheden voor andere ondernemingen via de hoofdopdrachtgever verliepen, het ontbreken van investeringen, het feit dat het de opdrachtgever om eiser te doen is vanwege diens specifieke kennis en ervaring en het feit dat in de werktijd ontwikkelde compounds eigendom van de opdrachtgever worden. Wel is gelet op de omstandigheden van het geval sprake van loon uit dienstbetrekking. Er is een verplichting tot het persoonlijk verrichten van arbeid en een verplichting van de opdrachtgever tot betaling van loon. Ook een gezagsverhouding is aannemelijk. De toekenning door RVO van een subsidie voor speur- en ontwikkelingswerk leidt niet tot gerechtvaardigd vertrouwen dat sprake is van ondernemerschap. Verweerder maakt niet aannemelijk is dat sprake is van grove schuld.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
