ECLI:NL:RBGEL:2016:5508
Rechtbank Gelderland · 27-07-2016 · zaaknummer 5032459
Inhoudsindicatie
De naar voren gebrachte feiten en omstandigheden leveren geen redelijke grond op voor opzegging als bedoeld in artikel 7:669 lid 3 onderdeel e BW en daarmee voor de verzochte ontbinding. Partijen zijn het er over eens dat een vruchtbare samenwerking niet meer mogelijk is. De kantonrechter wijst daarom het ontbindingsverzoek toe op grond van artikel 7:669 lid 3 onderdeel g BW. Gelet op de omstandigheden van het geval, waaronder het ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever door de werknemer ten onrechte ontslag op staande voet te geven en vervolgens na de vernietiging hiervan enkel gericht te zijn op de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, stelt de kantonrechter de billijke vergoeding vast op € 60.000,00
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
