ECLI:NL:RBGEL:2014:3197
Rechtbank Gelderland · 20-05-2014 · zaaknummer AWB-13_5352
Inhoudsindicatie
Verzekeringsplichtige arbeid – gefingeerd dienstverband. De rechtbank is van oordeel dat de gedingstukken een toereikende grondslag bieden voor het standpunt dat sprake was van een gefingeerd dienstverband tussen de werkgever en eiseres en dat eiseres niet daadwerkelijk werkzaamheden heeft verricht in de periode in geding. De rapporten van de SIOD en het UWV bieden voldoende basis voor de conclusie dat er bij de werkgever sprake is geweest van gefingeerde dienstverbanden, onder meer in het geval van eiseres. In de in beslag genomen administratie zijn geen stukken aangetroffen met betrekking tot (betaalde) activiteiten en uitbetaalde lonen. Geen van de verhoorde werknemers, waaronder eiseres, kon duidelijke informatie verstrekken over de panden waar zij zouden hebben schoongemaakt. De opdrachtgever die wel genoemd is, ontkende dat de werkgever schoonmaakwerkzaamheden op zijn kantoor heeft verricht. Op de hoorzitting eiseres dat zij een aantal keer op het kantoor van de werkgever in Veenendaal is geweest, terwijl het kantoor dat door de werkgever werd gehuurd aantoonbaar niet in gebruik is geweest. Ten aanzien van haar werkzaamheden verklaarde eiseres dat zij in april 2009 feitelijk als chauffeur van een collega heeft gewerkt en zij samen in de omgeving van Veenendaal op zoek zijn geweest naar mogelijke opdrachtgevers. Deze verklaring komt niet overeen met de verklaring van de betreffende collega, waarin staat dat deze collega schoonmaakwerk verrichtte gedurende acht uur per dag, vijf dagen in de week en vier weken in de maand, dat zij meereed met eiseres die ook bij dit bedrijf werkte, en dat zij niks kon vertellen over waar zij heeft gewerkt. Naar het oordeel van de rechtbank heeft eiseres ook geen enkele concrete informatie over haar werkzaamheden kunnen geven die te herleiden is tot een concrete opdrachtgever van de werkgever. De rechtbank is van oordeel dat, gezien tegen de achtergrond van de bevindingen van het onderzoek, de door eiseres overgelegde salarisstroken en de arbeidsovereenkomst onvoldoende overtuigend zijn om daaraan de gevolgtrekking te verbinden dat eiseres ten tijde van belang daadwerkelijk persoonlijk arbeid heeft verricht voor de werkgever en daarvoor loon heeft ontvangen. De rechtbank laat daarbij meewegen dat eiseres eerst in bezwaar loonstroken heeft overgelegd, terwijl zij in oktober 2011 en november 2012 verklaarde de loonstroken niet meer te hebben. Eiseres heeft geen bewijzen overgelegd, bijvoorbeeld bewijzen van daadwerkelijke loonbetalingen of concrete informatie van opdrachtgevers van de werkgever, die twijfel geven over de resultaten van het onderzoek. Evenmin heeft eiseres helderheid kunnen verschaffen over wie haar binnen de werkgever werkzaamheden opdroeg en daar toezicht op hield, zodat naar het oordeel van de rechtbank geen sprake is geweest van een gezagsverhouding. Daarbij acht de rechtbank van belang dat de eigenaresse van de werkgever verklaarde dat zij niemand voor dit bedrijf heeft laten werken en dat eiseres blijkens haar verklaringen niemand kende, afgezien van de genoemde collega. De rechtbank kan op basis van de vorengenoemde feiten en omstandigheden instemmen met de conclusie van verweerder, inhoudende dat er sprake is van een gefingeerd dienstverband en dat eiseres geacht wordt in de periode van 1 april 2009 tot en met 1 november 2009 geen verzekerde arbeid te hebben verricht voor de werkgever.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
