ECLI:NL:RBGEL:2013:6418
Rechtbank Gelderland · 02-10-2013 · zaaknummer 243947
Inhoudsindicatie
Uit de tekst van de conceptovereenkomst kan naar het oordeel van de rechtbank zonder nadere toelichting, die ontbreekt, niet worden afgeleid dat partijen hebben bedoeld dat enkel kon worden opgezegd tegen de einddatum van de conceptovereenkomst, te weten 1 oktober 2006. In de conceptovereenkomst is vermeld dat het samenwerkingverband kan worden opgezegd met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden. Uit die overeenkomst volgt niet dat deze opzegmogelijkheid enkel gold voor opzegging tegen de einddatum. [eiser] heeft voorts geen feiten en omstandigheden aangevoerd waaruit zou kunnen worden afgeleid dat hij mocht aannemen dat alleen kon worden opgezegd tegen 1 oktober 2006. Zijn stelling wordt dan ook als onvoldoende onderbouwd verworpen. Nu [eiser] op dit punt niet heeft voldaan aan de stelplicht, wordt hij niet toegelaten tot bewijslevering. [eiser] vordert, los van de vraag of de overeenkomst al dan niet rechtsgeldig is opgezegd, schadevergoeding vanwege ongerechtvaardigde verrijking. Zoals hiervoor is overwogen, is de conceptovereenkomst rechtsgeldig opgezegd, zodat [eiser] geen recht heeft op schadevergoeding. De rechtbank acht geen grond aanwezig om aan [eiser] op een andere grondslag, te weten die van de ongerechtvaardigde verrijking, alsnog een schadevergoeding toe te kennen. De enkele omstandigheid dat Mariënwaerdt c.s. volgens [eiser] is verrijkt door de opzegging van de overeenkomst is hiertoe onvoldoende (vgl. HR 20 september 2002, NJ 2004/458).
Rechters
Advocaten
- A.H. Vermeulen
- E.J. Nieuwenhuys
- F.M.Th
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
