ECLI:NL:RBGEL:2013:4596
Rechtbank Gelderland · 06-11-2013 · zaaknummer 134010 FA RK 12-2055
Inhoudsindicatie
Vervangende toestemming erkenning, ontzegging omgangsregeling voor beperkte duur, informatieregeling toewijzen, consultatieregeling afwijzen. Niet is gebleken dat de erkenning de relatie van de moeder met de minderjarige zal verstoren en/of dat erkenning schadelijke gevolgen voor de minderjarige zal hebben. De belangen van de moeder en de minderjarige worden door erkenning niet geschaad. Niet is gebleken dat ten gevolge van erkenning reële risico’s bestaan dat de minderjarige belemmerd wordt in een evenwichtig sociaalpsychologische en emotionele ontwikkeling, hetgeen onder meer het geval zou kunnen zijn wanneer de moeder ten gevolge van de erkenning in een zodanig onevenwichtige psychische toestand komt te verkeren dat zij niet in staat is het kind het stabiele opvoedingsklimaat te bieden dat het nodig heeft. De door de moeder geschetste psychische toestand waarin zij zou gaan verkeren na erkenning beoordeelt de rechtbank als niet voldoende en zwaarwegend ernstig. Voldoende is gebleken van gronden die rechtvaardigen dat de man het recht op omgang met de minderjarige op dit moment moet worden ontzegd. Niet is gebleken dat bij de man sprake is van contra-indicaties die een contact in de weg staan. Ook is niet gebleken dat daarvan bij het kind sprake is. De belemmeringen in het contact tussen de man en het kind zijn geheel en alleen gelegen in de belemmeringen en verhinderingen van de moeder. De rechtbank ontzegt het contact voor de duur van twee jaren. De moeder heeft niet aannemelijk gemaakt dat oplegging van een informatieregeling ernstig bezwaarlijk is voor het kind en dat haar belang eist dat een dergelijke verplichting buiten toepassing blijft. Dat is anders voor wat betreft de consultatieverplichting. Onder de huidige omstandigheden acht de rechtbank een consultatieverplichting prematuur, daarbij aansluitend bij de situatie van de ontzegging van de omgang voor bepaalde tijd. Op dit moment is, evenals bij omgang, namelijk nog sprake van conflicterende rechten. Wetsartikelen: 1:204 lid 3 BW, 1:253c lid 2 BW, 1:247 leden 2 en 3 BW, 1:377a BW, 1:377b lid 1 BW en artikel 8 EVRM.
Rechters
Advocaten
- D.M. Enthoven
- J.A.B.H.M. Willemse
- K.J. Kerdel
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
