Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDOR:2012:BY1831

Rechtbank Dordrecht · 19-10-2012 · zaaknummer AWB 12/1170

Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Intrekking bijstand naar de norm van een gezin per 1 september 2012 op de grond dat verzoekers aanspraak kunnen maken op studiefinanciering zodat sprake is van een voorliggende voorziening als bedoeld in artikel 15 van de WWB. De voorzieningenrechter kan verweerder niet volgen in diens standpunt dat sprake is van een voorliggende voorziening als bedoeld in artikel 15 van de WWB in een aanspraak van het gezin op middelen van bestaan via studiefinanciering. Van een voorliggende voorziening als bedoeld in artikel 15 van de WWB is pas sprake als op grond van de feitelijke omstandigheden waarin betrokkenen verkeren, aanspraak kan worden gemaakt op een voorziening buiten de WWB ter verwerving van middelen of ter bekostiging van specifieke uitgaven. Vaststaat dat verzoeker noch verzoekster in de periode hier in geding feitelijk een opleiding volgden die aanspraak gaf op studiefinanciering. Anders dan artikel 13, tweede lid, aanhef en onder c, van de WWB, ziet artikel 15 van de WWB niet op de situatie dat de betrokkene zich zou kunnen inschrijven voor een opleiding die recht geeft op studiefinanciering maar dat niet heeft gedaan. De voorzieningenrechter is van oordeel dat het besluit in bezwaar evenmin kan worden gehandhaafd op grond van artikel 13, tweede lid, aanhef en onder c, van de WWB. Van verzoekers valt alleen verzoekster mogelijk onder de werking van deze uitsluitingsgrond. Dit zou tot gevolg hebben dat alleen verzoekster geen recht heeft op bijstand. Artikel 24 van de WWB bepaalt voor de situatie dat een van de gehuwden geen recht heeft op bijstand, voor de rechthebbende echtgenoot de bijstandsnorm gelijk is aan de bijstandsnorm die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden. Dit is naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet anders bij een uitsluiting van het recht op algemene bijstand van een van de gehuwden op grond van het bepaalde in artikel 13, tweede lid, aanhef en onder c, van de WWB. De voorzieningenrechter overweegt voorts dat de uitsluiting van het recht op bijstand van iemand jonger dan 27 jaar in artikel 13, tweede lid, aanhef en onder c, van de WWB pas dan die persoon kan worden tegengeworpen, nadat is vastgesteld dat deze in staat is een studie te volgen die aanspraak geeft op studiefinanciering. De voorzieningenrechter is er op voorhand niet van overtuigd dat het hebben van betaald werk voor 32 uur per week, zoals verzoekster, verenigbaar is met het volgen van een studie die aanspraak geeft op studiefinanciering. De voorzieningenrechter ziet daarom evenmin grond voor het oordeel dat verweerder in bezwaar het bestreden besluit zal kunnen herzien naar een intrekking van het recht op bijstand van verzoekster wegens uitsluiting van het recht op bijstand op grond van artikel 13, tweede lid, aanhef en onder c, van de WWB. Verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen.

Rechters

Advocaten

  • A.J.J. Fraanje

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.