ECLI:NL:RBDOR:2012:BV9765
Rechtbank Dordrecht · 14-03-2012 · zaaknummer 95599 / FA RK 11-8995
Inhoudsindicatie
Een moeder verzoekt (primair) intrekking van een in het kader van een ondertoezichtstelling door het Bureau Jeugdzorg gegeven schriftelijke aanwijzing waarin het contact tussen de -toen nog met het gezag belaste- moeder en haar uit huis geplaatste minderjarige zoon wordt beperkt. Het Bureau Jeugdzorg is van mening dat de moeder niet-ontvankelijk is in haar verzoek, nu zij inmiddels gedwongen is ontheven van het gezag, hetgeen tot gevolg heeft dat het juridische kader van de ondertoezichtstelling, waarbinnen de schriftelijke aanwijzing is gegeven, niet langer bestaat. De rechtbank vat het verzoek -bezien in het licht van de omstandigheid dat de moeder inmiddels is ontheven van het gezag- op als een verzoek tot het treffen van een (meer uitgebreide) omgangsregeling. De rechtbank is van oordeel dat de moeder ontvankelijk is in een dergelijk verzoek. Het verzoek wordt verder beoordeeld aan de hand van het bepaalde in artikel 1:377a Burgerlijk Wetboek (BW).
Rechters
Advocaten
- C. Reijntjes-Wendenburg
- G. Kolkman
- G.L.A.M. van Doveren
- T.M. Briggeman
- T.M. Verweij
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
