ECLI:NL:RBDOR:2008:BC2958
Rechtbank Dordrecht · 23-01-2008 · zaaknummer 66764 / HA ZA 06-2654
Inhoudsindicatie
Geschil spitst zich toe op de vraag of de overeenkomst tussen partijen moet worden opgevat als onvoorwaardelijk, zoals door eisers is gesteld en door gedaagde is betwist, of onder opschortende voorwaarde, zoals gedaagde betoogt. Voor wat betreft de uitleg van een overeenkomst dient niet alleen gelet te worden op de bewoordingen van de overeenkomst, maar komt het aan op de zin die partijen over en weer redelijkerwijs aan elkaars verklaringen en gedragingen mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. (Haviltex). Op grond van genoemde feiten en omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat een overeenkomst onder opschortende voorwaarde is gesloten. De opschortende voorwaarde is niet vervuld, zodat geen nakoming van de overeenkomst kan worden gevorderd. Waar geen overeenkomst is, kan van ontbinding wegens wanprestatie geen sprake zijn. Vorderingen in conventie afgewezen. Reconventie: omvang schade door beslag bewijzen.
Advocaten
- A.J. Japenga
- C.H. Kemp-Randewijk
- I. Bouter
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
