Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDOR:2007:BB2791

Rechtbank Dordrecht · 13-07-2007 · zaaknummer AWB 06/1178

Bestuursrecht; OmgevingsrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Verweerders besluit tot het al dan niet toepassen van de vrijstellingsprocedure als bedoeld in het tweede lid van artikel 19 van de WRO berust op een zogenoemde discretionaire bevoegdheid. Dit betekent dat aan de rechtbank slechts een beperkte toetsing toekomt en dat dient te worden gerespecteerd dat verweerder in beginsel een zekere mate van vrijheid beschikt om naar eigen inzicht en goeddunken uitvoering te geven aan die bevoegdheid. Voor de toepassing van artikel 19, tweede lid, van de WRO hebben gedeputeerde staten van Zuid-Holland beleid vastgesteld. Dit beleid was ten tijde van belang neergelegd in de Nota Regels voor Ruimte van 8 maart 2005, welk beleid met ingang van 15 maart 2005 in werking is getreden. In deze Nota hebben gedeputeerde staten voor de toepassing van artikel 19, tweede lid, van de WRO twee hoofdcategorieën onderscheiden: - projecten die in overeenstemming zijn met door GS en de VROM-inspectie geaccordeerd ruimtelijk beleid (specifieke verklaring van geen bezwaar) en - projecten opgenomen in een afzonderlijke lijst (bijzondere verklaring van geen bezwaar). De bijzondere verklaring van geen bezwaar wordt op voorhand verleend in een beperkt aantal situaties die in het bij de Nota Regels voor Ruimte behorende servicedocument zijn opgesomd. Uitgangspunt daarbij is dat het moet gaan om projecten die passen binnen het huidige provinciale ruimtelijk beleid, zoals dat is neergelegd in de streekplannen en de Nota Planbeoordeling. De rechtbank is niet gebleken dat het bouwplan niet past binnen de situaties waarvoor de bijzondere verklaring van geen bezwaar is verleend. Tevens is niet gebleken dat niet is voldaan aan de randvoorwaarden die zijn verbonden aan de bijzondere verklaring van geen bezwaar. Verweerder kon derhalve gebruik maken van deze verklaring. Volgens vaste jurisprudentie dienen bij de beoordeling van de toepassing van artikel 19, tweede lid, van de WRO aan ruimtelijke onderbouwing van een project zwaardere eisen te worden gesteld naarmate de inbreuk op het geldende planologische regime groter is. Voor de beoordeling of een project een grote planologische ingreep betreft, is bepalend in hoeverre het bouwplan afwijkt van hetgeen planologisch is toegestaan en welke ruimtelijke uitstraling het heeft naar de directe omgeving. Thans bestaat de locatie uit een perceel met een schuur en een kleiner schuilhok voor schapen. Het terrein is in gebruik als weiland voor schapen. Op het in geding zijnde perceel is woningbouw niet toegestaan. Het bouwplan voorziet in een toename van de bebouwing ter plaatse. In plaats van een schuur, een schuilhok en weiland komt een woonbestemming voor een vijftal woningen. De rechtbank is dan ook van oordeel dat niet kan worden ontkend dat er sprake is van een aanzienlijke inbreuk op het geldende planologische regime. Naar het oordeel van de rechtbank kan niet gezegd worden dat het bouwplan niet van een goede ruimtelijke onderbouwing is voorzien. Zij wijst er daarbij op dat uitvoerig is ingegaan op de nieuw te bouwen woningen in relatie tot de bestaande planologische mogelijkheden binnen de bestemming "Tuin". Daarmee is een afdoende beschrijving gegeven van de inbreuk in verhouding tot het planologische regime.

Rechters

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Graafstroom

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Graafstroom

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.