ECLI:NL:RBDHA:2026:8204
Rechtbank Den Haag · 03-04-2026 · zaaknummer NL24.51334
Inhoudsindicatie
Aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf op grond van artikel 8 van het EVRM. De rechtbank is van oordeel dat onvoldoende is gemotiveerd op welke wijze de belangen zijn gewogen. Het feit dat referent kennismigrant is, is onvoldoende betrokken bij de weging van het economisch belang. Het standpunt van verweerder dat er geen objectieve belemmeringen aanwezig zijn om het gezinsleven in Zuid-Afrika uit te oefenen, vindt de rechtbank onder deze omstandigheden en zondere nadere motivering geen argument dat verweerder zwaar in het nadeel van eiseres kan meewegen. Beroep gegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
de minister van Asiel en Migratie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Asiel en Migratie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
