ECLI:NL:RBDHA:2026:5260
Rechtbank Den Haag · 27-02-2026 · zaaknummer AWB 25/14236
Inhoudsindicatie
Het geschil gaat enkel nog over de vraag of de minister vergoeding van de proceskosten voor de bezwaarfase is verschuldigd. De rechtbank oordeelt dat dit niet het geval is, omdat belangrijke omstandigheden zich pas na het primaire besluit hebben voorgedaan en/of daarna bekend zijn geworden voor de minister. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
