ECLI:NL:RBDHA:2026:2160
Rechtbank Den Haag · 05-02-2026 · zaaknummer AWB 24/21437
Inhoudsindicatie
Deze uitspraak gaat over een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor het doel ‘medische behandeling’. Verweerder heeft besloten de aanvraag van eiser niet in behandeling te nemen. Verweerder heeft het daartegen ingediende bezwaar van eiser vervolgens niet-ontvankelijk verklaard, omdat dit te laat zou zijn ingediend. Eiser is het hier niet mee eens. Hij stelt namelijk dat hij het primaire besluit niet op het postadres van zijn gemachtigde heeft ontvangen. Aan de hand van deze beroepsgrond beoordeelt de rechtbank of verweerder het bezwaar van eiser terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat dat het geval is. Eiser krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de minister van Asiel en Migratie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Asiel en Migratie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
