ECLI:NL:RBDHA:2026:1771
Rechtbank Den Haag · 02-02-2026 · zaaknummer NL24.29400
Inhoudsindicatie
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag niet in stand kan blijven. De rechtbank volgt de meervoudige kamer van deze rechtbank en zittingsplaats die recent heeft geoordeeld dat verweerder niet deugdelijk heeft gemotiveerd dat in Syrië op dit moment de laagste gradatie van willekeurig geweld van toepassing is. Verder is de rechtbank van oordeel dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom eiser geen vluchteling is als bedoeld in het Vluchtelingenverdrag. Eiser heeft zich immers gemotiveerd op het standpunt gesteld dat hij als Druze afkomstig uit de provincie Suweida vreest voor vervolging op grond van zijn religieuze overtuiging.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de minister van Asiel en Migratie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Asiel en Migratie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
