ECLI:NL:RBDHA:2026:14503
Rechtbank Den Haag · 03-03-2026 · zaaknummer NL25.27786 NL25.60542
Inhoudsindicatie
Het beroep gericht tegen de afwijzing van de aanvraag van eiser om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met het verblijfsdoel ‘familieleven op grond van artikel 8 van het EVRM’ is gegrond. De minister heeft onvoldoende gemotiveerd waarom de aangevoerde omstandigheden geen bijkomende elementen van afhankelijkheid opleveren. Het beroep gericht tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsdocument EU/EER is gegrond. De minister heeft zich ten onrechte op het standpunt gesteld dat niet is gebleken dat referent zodanig afhankelijk is van eiser dat hij zich in Nederland zonder zijn aanwezigheid niet zelfstandig kan handhaven en daarom samen met hem de Europese Unie zou moeten verlaten.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de minister van Asiel en Migratie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Asiel en Migratie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
