ECLI:NL:RBDHA:2026:11036
Rechtbank Den Haag · 30-03-2026 · zaaknummer 26/1117
Inhoudsindicatie
Verzoek om voorlopige voorziening. Woningsluiting op grond van artikel 13b van de Opiumwet voor de duur van drie maanden. Uit de bestuurlijke rapportage en het bestreden besluit blijkt dat bij de doorzoeking van de woning en de inpandige berging verschillende goederen zijn aangetroffen en in beslag genomen, waaronder 35 bolletjes harddrugs en een gripzakje met wit poeder. De middelen zijn door de politie gewogen en indicatief getest. De bolletjes bevatten 4,5 gram cocaïne en het gripzakje 0,8 gram cocaïne. Verder vond de politie een grammenweegschaal en een lijst met daarop de prijzen van de verschillende soorten drugs. In de inpandige berging onder het pand vond de politie twee brokken met een witte substantie en een envelop met wit poeder. Ook deze middelen zijn gewogen en indicatief getest (5,7 gram cocaïne, 39,2 gram amfetamine, en in de envelop 3,3 gram van een onbekende stof). Verweerder was bevoegd om de woning te sluiten. De voorzieningenrechter is van oordeel dat een sluiting ook geschikt, noodzakelijk en evenwichtig is. Het bestreden besluit zal naar verwachting in bezwaar in stand blijven. Verzoek afgewezen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
