ECLI:NL:RBDHA:2025:9340
Rechtbank Den Haag · 27-05-2025 · zaaknummer 09/316933-24
Inhoudsindicatie
Bewezenverklaring poging tot doodslag. De verdachte is, na een eerdere woordenwisseling, met een mes in zijn hand naar het slachtoffer en diens collega’s gelopen. Er ontstond opnieuw een woordenwisseling, waarbij het slachtoffer en de verdachte tegenover elkaar kwamen te staan. Het slachtoffer heeft de verdachte op de grond geduwd en tijdens de worsteling op de grond heeft het slachtoffer drie steekverwondingen in de romp opgelopen. Naar het oordeel van de rechtbank is niet het moment van de worsteling op de grond, maar is het moment van het uitklappen van het mes het moment waarop de verdachte de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zijn handelen zou leiden tot het gebruik van het mes, en daarmee ook tot dodelijk letsel. De rechtbank acht aannemelijk dat de verdachte zich liggend op de grond daadwerkelijk bedreigd voelde en dat er sprake was van een ogenblikkelijke en wederrechtelijke aanranding van zijn lijf en is van oordeel dat de verdachte zich daartegen mocht verdedigen. De verdachte wordt vanwege een geslaagd beroep op noodweer ontslagen van alle rechtsvervolging.
Rechters
Advocaten
Officier van justitie
- R.P. Tuinenburg
officier van justitie
Partijen
[de verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
