ECLI:NL:RBDHA:2025:25174
Rechtbank Den Haag · 31-07-2025 · zaaknummer NL25.12887
Inhoudsindicatie
Aanvraag verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair. Verweerder heeft mogen stellen dat niet aannemelijk is gemaakt dat sprake is van familieleven. Priveleven wordt wel aangenomen door verweerder, maar de belangenafweging heeft in het nadeel van eiser uit mogen vallen. Verweerder heeft dan ook niet ten onrechte geconcludeerd dat de afwijzing niet in strijd is met artikel 8 van het EVRM. Het beroep is ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de minister van Asiel en Migratie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Asiel en Migratie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
