ECLI:NL:RBDHA:2025:23633
Rechtbank Den Haag · 16-10-2025 · zaaknummer 25/5784
Inhoudsindicatie
De aanvraag voor een bedrijfsactiviteitenvergunning is geweigerd. Het verzoek om een voorlopige voorziening is afgewezen. Het algemeen belang dat wordt gediend met het tegengaan van misbruik van de vergunning weegt in dit geval zwaarder dan het belang van verzoeker. Hierbij speelt mee dat het toch toekennen van een vergunning ook kan leiden tot oneerlijke concurrentie voor bonafide ondernemers die het formulier wel juist hebben ingevuld. Onder deze omstandigheden is het treffen van een zo verstrekkende voorlopige voorziening dan ook niet gerechtvaardigd.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
