Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2025:19482

Rechtbank Den Haag · 19-08-2025 · zaaknummer NL25.18162 en NL25.18163

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 24-10-2025
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Asiel Iran; afvalligheid, bekering en politieke overtuiging. De minister heeft in het bestreden besluit voldoende rekening gehouden met eisers referentiekader. Zo benoemt de minister in het bestreden besluit dat hij niet van eiser verwacht dat hij op hoog niveau kan verklaren over het christendom en zijn proces van bekering. De minister heeft in dat kader zelfs enkele tegenwerpingen uit het voornemen laten vallen. Zo werpt de minister eiser in het bestreden besluit niet meer tegen dat hij wisselend heeft verklaard over zijn kerkbezoek. Ook heeft de minister in het bestreden besluit het eiser niet meer zo streng als in het voornemen aangerekend dat hij niet precies weet wat er met Pasen of Pinksteren gevierd wordt. Hieruit volgt dat de minister zich wel degelijk rekening heeft gehouden met eisers ADHD en de omstandigheid dat hij (daardoor) moeite heeft om zich te concentreren en dingen te onthouden. Uit brief van de psycholoog die eiser heeft overgelegd volgt niet dat eiser niet in staat is om over zijn persoonlijke gedachtes en gevoelens te verklaren. De minister hoefde in deze brief dan ook geen aanleiding te zien om hier onderzoek naar te doen. De rechtbank overweegt daarnaast dat eiser voorafgaand aan het gehoor hier niets over heeft gezegd en tijdens het gehoor meerdere keren heeft aangegeven dat hij de vragen goed begreep. Bovendien heeft eiser over zijn afvalligheid van de islam wel kunnen verklaren hoe deze tot stand is gekomen, welke persoonlijke afwegingen eiser daarin heeft gemaakt en hoe hij zich daarbij voelde. De minister heeft zich op het standpunt gesteld dat in het geval van eiser verwacht mag worden dat hij zich bij terugkeer terughoudend opstelt wat betreft het uiten van zijn afvalligheid, omdat uit eisers verklaringen zelf volgt dat hij zijn afvalligheid niet openlijk zal willen uiten in Iran. De rechtbank is van oordeel dat de minister zich op dit standpunt heeft mogen stellen. Eiser heeft namelijk verklaard dat hij op zijn 25e afstand heeft genomen van de islam. Vervolgens heeft eiser nog zes jaar in Iran verbleven. Gedurende die periode heeft hij zijn afvalligheid niet geuit, zich niet kritisch uitgelaten over de islam en ten aanzien daarvan ook geen problemen ondervonden. In Nederland praat eiser wel over zijn afvalligheid als daar een discussie over op gang komt, maar vertelt hij niet uit eigen beweging over zijn kritiek op de islam. Gelet hierop heeft de minister mogen concluderen dat niet is gebleken dat eisers afvalligheid zo belangrijk voor hem is, dat hij deze actief wil uitdragen in Iran. Ook ten aanzien van eisers deelname aan een demonstratie in Nederland heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat eiser de gestelde vrees voor vervolging of een reëel risico op ernstige schade niet aannemelijk heeft gemaakt. Eiser heeft namelijk niet aannemelijk gemaakt dat de autoriteiten op de hoogte zijn van eisers deelname aan een demonstratie.

Rechters

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.