ECLI:NL:RBDHA:2024:1156
Rechtbank Den Haag · 02-02-2024 · zaaknummer 09.066112.23
Inhoudsindicatie
De rechtbank spreekt de verdachte vrij van verleiding van een minderjarige tot ontuchtige handelingen. De rechtbank kan niet buiten redelijke twijfel vaststellen dat de verdachte zich bewust was van het feitelijke overwicht dat de verdachte had op de aangeefster en dat dit overwicht zodanig van invloed is geweest dat de aangeefster daardoor de fysieke handelingen heeft geduld. Daartoe wordt overwogen dat er sprake was van een spontaan voorval op een geïsoleerd moment zonder dat de verdachte en de aangeefster elkaar hebben gesproken, dat de aangeefster zich op eigen initiatief heeft bewogen richting de verdachte en er geen aanwijzingen zijn dat het leeftijdsverschil tussen hen enige rol heeft gespeeld bij de ontuchtige handelingen. De verdachte heeft wel lichtzinnig en onachtzaam gehandeld. In strafrechtelijke zin levert dit echter geen opzet op, ook niet in voorwaardelijke zin.
Advocaten
Officier van justitie
- M. Kampen
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
