ECLI:NL:RBDHA:2024:11074
Rechtbank Den Haag · 17-07-2024 · zaaknummer NL24.24907
Inhoudsindicatie
Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister zich op het standpunt mogen stellen dat de geloofwaardig geachte discriminatie van eiser omdat hij Berber is, onvoldoende is om hem als vluchteling aan te merken. De rechtbank oordeelt dat de door eiser aangevoerde sociaaleconomische omstandigheden wel betrokken hadden moeten worden bij de beoordeling of eiser een risico loopt op een behandeling strijdig met artikel 3 van het EVRM. De rechtbank laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand, omdat de minister in beroep het motiveringsgebrek heeft hersteld.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
