ECLI:NL:RBDHA:2023:8796
Rechtbank Den Haag · 15-06-2023 · zaaknummer 10412410 \ EJ VERZ 23-81637
Inhoudsindicatie
Werknemer verzoekt primair om een billijke vergoeding, omdat de opzegging van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever en subsidiair om een schadevergoeding ex artikel 7:611 BW. Werkgever verweert zich tegen het verzoek en verzoekt om afwijzing, omdat er geen sprake is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten. De kantonrechter stelt de werkgever in het gelijk. Ten aanzien van het primaire verzoekt overweegt de kantonrechter dat de werkgever heeft voldaan aan haar re-integratieverplichtingen. De opzegging van de arbeidsovereenkomst is niet het gevolg van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Ten aanzien van het subsidiaire verzoek zijn er door de werknemer geen nieuwe feiten en omstandigheden ten grondslag gelegd anders dan bij het verzoek om toekenning van een billijke vergoeding.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
