ECLI:NL:RBDHA:2023:4024
Rechtbank Den Haag · 21-03-2023 · zaaknummer AWB - 21 _ 7940
Inhoudsindicatie
Wegens overschrijding van de redelijke termijn heeft eiser recht op een immateriële schadevergoeding. De rechtbank is van oordeel dat nu verweerder binnen de termijn van artikel 30, lid 9 van de Wet WOZ uitspraak op bezwaar heeft gedaan, de schending van de redelijke termijn toegerekend dient te worden aan de rechtbank, aangezien de rechtbank onder normale omstandigheden binnen twee jaar uitspraak op het beroep zou moeten kunnen doen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de gemeente Noordwijk
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de gemeente Noordwijk
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
