ECLI:NL:RBDHA:2023:2095
Rechtbank Den Haag · 12-01-2023 · zaaknummer NL22.21860
Inhoudsindicatie
Asiel. Bij besluit van 20 oktober 2022 heeft verweerder de opvolgende asielaanvraag van eiser afgewezen als kennelijk ongegrond. Ter onderbouwing van zijn gestelde problemen als gevolg van een voorhuwelijkse relatie in Irak heeft eiser nieuwe documenten overgelegd waaruit volgens hem blijkt dat zijn problemen zijn aangehouden. De rechtbank is van oordeel dat verweerder de nieuwe incidenten (c.q. de aanhoudende problemen in Irak) niet ten onrechte ongeloofwaardig heeft geacht. De nieuwe stukken zijn zowel afzonderlijk als in samenhang bezien onvoldoende om de nieuw gestelde incidenten aannemelijk te maken. Eiser is hier evenmin in geslaagd met zijn summiere verklaringen over deze nieuw gestelde incidenten. Eisers verwijzing naar algemene informatie over Irak en het risico op eerwraak bij voorhuwelijkse relaties en zijn psychische toestand, leiden niet tot een ander oordeel. Het beroep is daarom ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
