ECLI:NL:RBDHA:2023:19053
Rechtbank Den Haag · 09-11-2023 · zaaknummer NL23.33474
Inhoudsindicatie
Bewaring, art. 59, eerste lid, aanhef en onder a. Ongegrond. Verweerder voert in de onderhavige zaak aan dat de omstandigheden zodanig zijn gewijzigd dat er weer zicht op uitzetting binnen redelijke termijn voor Algerije is, voor zover vreemdelingen beschikken over een kopie van identiteits- of nationaliteitsdocumenten. In hetgeen verweerder heeft toegelicht ziet de rechtbank voldoende aanknopingspunten dat in het geval van eiser wel zicht op uitzetting naar Algerije moet worden aangenomen. Daartoe acht de rechtbank doorslaggevend dat de omstandigheden waaronder op 4 oktober 2023 een lp is afgegeven voor gedwongen vertrek vanuit vreemdelingenbewaring, ook op eiser van toepassing zijn.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
