ECLI:NL:RBDHA:2023:136
Rechtbank Den Haag · 06-01-2023 · zaaknummer NL22.21969
Inhoudsindicatie
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft de termijn om op de asielaanvraag van eiser te beslissen overschreden. WBV 2022/22, waarin de initiële beslistermijn van zes maanden met negen maanden is verlengd, is namelijk niet rechtsgeldig. De staatssecretaris heeft niet deugdelijk gemotiveerd dat sprake is van een situatie waarbij een groot aantal vreemdelingen tegelijk een aanvraag indient waardoor het in de praktijk zeer moeilijk is de procedure binnen de termijn van zes maanden af te ronden. De staatssecretaris moet binnen zestien weken alsnog een beslissing nemen op de asielaanvraag van eiser, op laste van een dwangsom van € 100,- per dag met een maximum van € 7.500,-.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
