ECLI:NL:RBDHA:2023:12697
Rechtbank Den Haag · 23-08-2023 · zaaknummer 22_2939
Inhoudsindicatie
Het beroep ziet op de aan eiser in rekening gebrachte aanmaningskosten van € 8 voor een naheffingsaanslag parkeerbelasting. Tijdens de zitting heeft verweerder verklaard dat de aanmaningskosten feitelijk al zijn komen te vervallen, maar dat eiser daarover niet is bericht. Verweerder erkent dat de aanmaningskosten vernietigd moeten worden. De rechtbank veroordeelt verweerder in de door eiser gemaakt proceskosten tot een bedrag van € 150. Gezien de bijzondere omstandigheden acht de rechtbank een hogere vergoeding niet in verhouding tot de door de gemachtigde geleverde inspanningen en het daarmee te dienen zeer geringe belang. Beroep gegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de gemeente Den Haag
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de gemeente Den Haag
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
