ECLI:NL:RBDHA:2022:7224
Rechtbank Den Haag · 20-07-2022 · zaaknummer NL22.12707
Inhoudsindicatie
Bewaring – referte van gemachtigde - opheffing na ambtshalve onderzoek en beoordeling van de rechtmatigheid – eiser heeft de Marokkaanse nationaliteit, is in het bezit van een Marokkaans paspoort, is thans 46 jaar oud en verblijft sinds zijn 6e levensjaar onafgebroken in Nederland – verweerder heeft een besluit genomen tot intrekking van zijn verblijfsrecht en uitvaardiging van een inreisverbod met een duur van 10 jaar - dit besluit is tevens een terugkeerbesluit – in het geval van eiser doet zich de uitzonderlijke omstandigheid voor dat een terugkeerbesluit aan de maatregel ten grondslag wordt gelegd zonder dat de derdelander hierover is gehoord - het lijkt er naar het oordeel van de rechtbank op dat sprake is geweest van “automatische processen” waarbij de belangen van eiser onvoldoende in acht zijn genomen - verweerder heeft geen weet van argumenten van eiser over de op te leggen terugkeerplicht en kon dus geen terugkeerbesluit nemen omdat de Terugkeerrichtlijn vereist dat onder meer rekening wordt gehouden met familie-en privéleven en de gezondheidssituatie van eiser en het verbod op refoulement bovendien absoluut is – dit terugkeerbesluit kan dus niet aan de maatregel ten grondslag worden gelegd zodat de maatregel van aanvang af onrechtmatig is – verweerder heeft 2 zware gronden en 4 lichte gronden aan de maatregel ten grondslag gelegd, de rechtbank stelt vast dat geen enkele grond de toets in rechte doorstaat, omdat er geen risico op onttrekking is, is de maatregel ook hierdoor van aanvang af onrechtmatig – eiser heeft verzocht om oplegging van een meldplicht – uit de verklaringen van eiser en de overige dossierstukken blijken talloze redenen om te kunnen en dus moeten volstaan met oplegging van een lichter middel – in de maatregel is volstaan met een aantal standaardmatige tekstblokken om te motiveren waarom geen lichter middel is opgelegd – de rechtbank concludeert dat er 3 separate redenen zijn waarom de maatregel van aanvang af onrechtmatig is en zal dus de opheffing van de maatregel bevelen en de invrijheidstelling van eiser gelasten – het inreisverbod staat in deze procedure niet ter toetsing, dus de rechtbank zal niet onder verwijzing naar het Unierecht en de recente duiding daarvan door het Hof van Justitie vaststellen dat indien er geen sprake is van een rechtsgeldig terugkeerbesluit, er ook geen grondslag is voor het uitvaardigen van een inreisverbod - de rechtbank wijst ten overvloede op de actuele Afdelingsjurisprudentie en overweegt dat het maar zeer de vraag is of het intrekkingsbesluit in rechte zal komen vast te staan en geeft verweerder mee niet tot gedwongen verwijdering over te gaan voordat het intrekkingsbesluit door een rechter is getoetst en dit ook niet te laten afhangen van de (kwaliteit van de ) inspanningen van de toegevoegde gemachtigde van eiser – beroep gegrond, opheffing maatregel en invrijheidstelling eiser.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
[eiser]
eiser · onbekend
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
