ECLI:NL:RBDHA:2022:5779
Rechtbank Den Haag · 25-04-2022 · zaaknummer C/09/626457 / KG RK 22-306
Inhoudsindicatie
Het verzoek tot wraking wordt afgewezen. Verzoeker meent dat de rechter de rol van de advocaat van de wederpartij op zich heeft genomen. De wrakingskamer neemt in aanmerking dat het tot de taak van een rechter behoort om naar aanleiding van de stellingen van partijen nader onderzoek te doen en indien nodig kritische vragen te stellen en kritische opmerkingen te maken. De reacties van de rechter zijn door verzoeker als te voorbarig en te direct ervaren en naar het zich laat aanzien speelt hierbij mede de wijze waarop de rechter dit heeft verwoord een rol. Op basis van de beschikbare informatie kan de wrakingskamer niet tot het oordeel komen dat de rechter met zijn kritische reacties het omslagpunt van een kritische en actieve houding naar een houding die (de objectief gerechtvaardigde schijn van) partijdigheid of vooringenomenheid heeft gepasseerd, hoewel dit niet veel heeft gescheeld.
Rechters
Advocaten
- J.L.M. Luiten
- R. Le Grand
- S.E. Toffoletto
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
