ECLI:NL:RBDHA:2022:5271
Rechtbank Den Haag · 16-05-2022 · zaaknummer 20/6612
Inhoudsindicatie
Herziening en terugvordering. Verweerder heeft in het verweerschtrift afgezien van een deel van de terugvordering. Het beroep is daarom gegrond en de rechtbank zal daarom het bestreden besluit vernietigen, voor zover daarbij het besluit om het recht op Ioaw over de periode van maart tot en met november 2019 (met uitzondering van juli 2019) te herzien en van eiser een bedrag van € 455,02 netto terug te vorderen, is gehandhaafd. De rechtbank zal daarom bovendien primair besluit 5 herroepen. Voor het overige is het beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Delft
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Delft
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
