ECLI:NL:RBDHA:2022:4095
Rechtbank Den Haag · 28-04-2022 · zaaknummer 21 _ 4094
Inhoudsindicatie
De rechtbank is van oordeel dat verweerder het restant persoonsgebonden aftrek terecht niet voor aftrek heeft toegestaan in de aanslag inkomstenbelasting en premievolksverzekering voor het jaar 2018, nu daarvoor geen beschikking is afgegeven. Ook oordeelt de rechtbank dat verweerder de hoorplicht niet heeft geschonden. Gezien de coronamaatregelen volstaat in dit bijzondere geval een telefonische hoorzitting. Dat een ander dan de bezwaarbehandelaar het hoorgesprek had moeten voeren, zoals eiser heeft gesteld, is de rechtbank niet gebleken. Op verweerder rust overigens ook niet de verplichting om stukken aan eiser te zenden als het hoorgesprek niet heeft plaatsgevonden. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Belastingdienst
verweerder · overheid
[eiser]
eiser · onbekend
Overheidspartijen
Belastingdienst
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
