Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2022:3439

Rechtbank Den Haag · 25-03-2022 · zaaknummer C/09/625946 / KG RK 22-253

Civiel rechtGepubliceerd 14-04-2022
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Wrakingsverzoek afgewezen. Voor zover de wrakingsgronden zien op de zitting van 1 februari 2022, is het verzoek te laat is ingediend. Verzoekers hebben door de gang van zaken tijdens de descente op 3 maart 2022, de houding en de wijze van vraagstelling van de voorzieningenrechter de subjectieve indruk hebben gekregen dat hun zaak niet op een onpartijdige wijze wordt behandeld. De rechter heeft tijdens een descente een grote mate van rechterlijke vrijheid om de gang van zaken te bepalen en te reageren op de stellingen van partijen. In het licht van de context en het doel van de descente is de omstandigheid dat de rechter aan het begin van de descente ervoor heeft gekozen eerst de huidige situatie op te nemen, niet onbegrijpelijk. Dat de voorzieningenrechter al voordat de deurwaarder (die even later bij de descente aansloot) aanwezig was de tuinen is gaan bekijken, is niet onbegrijpelijk en valt binnen de rechterlijke vrijheid bij een descente. De wrakingskamer begrijpt uit de toelichting van de voorzieningenrechter dat zij met haar vragen en opmerkingen over de onderhandelingen wilde achterhalen wat de voortgang was sinds de aanhouding van de zaak. De wrakingskamer acht dit – gelet op het verloop van het geschil – alleszins begrijpelijk en in lijn met de taak van de rechter, zodat ook dit niet kan leiden tot het oordeel dat sprake is van vooringenomenheid. Met de vraag of de afstand tussen de schutting en de werkelijke erfgrens inderdaad het door haar aangewezen aantal centimeters betrof heeft de voorzieningenrechter opheldering willen vragen. Dit is in lijn met de taak van de rechter tijdens een descente en hierop kan geen objectieve vrees voor vooringenomenheid worden gebaseerd. Haar opmerking dat ‘het plaatsen van een schutting toch geen tien jaar zou gaan duren’ was naar haar eigen zeggen minder handig, maar daaraan kunnen verzoekers evenmin de vrees ontlenen dat de voorzieningenrechter vooringenomen is. Dit zelfde geldt voor het verwijt dat uit de vraagstelling bleek dat de voorzieningenrechter het dossier onvoldoende had gelezen.

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.