ECLI:NL:RBDHA:2022:2696
Rechtbank Den Haag · 18-03-2022 · zaaknummer AWB 20/5183
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft de aanvraag van eiseres om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met als doel ‘verblijf als familie- of gezinslid’ afgewezen omdat zij niet beschikt over een geldige mvv en niet in aanmerking komt voor vrijstelling van het mvv-vereiste. Ter discussie staat onder meer of uitzetting van eiseres een ongerechtvaardigde inmenging in het recht van eiseres en referent op respect voor hun gezinsleven zou opleveren. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder de belangenafweging op grond van artikel 8 van het EVRM niet deugdelijk gemotiveerd en niet zorgvuldig voorbereid. Daarnaast heeft verweerder zich ook onvoldoende gemotiveerd op het standpunt gesteld dat er tussen eiseres en de kleindochter geen hechte persoonlijke banden bestaan en daarmee geen beschermenswaardig familieleven. Bovendien heeft verweerder ten onrechte eiseres niet gehoord. De rechtbank verklaart het beroep gegrond. Zie ook ECLI:NL:RBDHA:2022:2697
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
