ECLI:NL:RBDHA:2022:2586
Rechtbank Den Haag · 24-03-2022 · zaaknummer NL21.14873
Inhoudsindicatie
Statushouder Duitsland – gezinsleven en het belang van het kind zijn volgens het Hof van Justitie geen absolute rechten en staan daarom niet absoluut in de weg aan de bevoegdheid om een asielaanvraag niet-ontvankelijk te verklaren als een andere lidstaat het eerdere verzoek om internationale bescherming al heeft ingewilligd – verweerder dient echter wel te motiveren waarom hij gebruik maakt van deze bevoegdheid als een beroep wordt gedaan op 7 Handvest en 24, lid 2, Handvest – verweerder moet zich kenbaar rekenschap geven van de gevolgen van zijn besluit, van de doelstelling van de regeling en van de omstandigheid dat hij óók bevoegd is om de eenheid van het gezin wel te waarborgen - het niet-ontvankelijk verklaren mag geen automatisme zijn maar vereist dus, net als bij een inhoudelijke beoordeling van een asielaanvraag, maatwerk – beroep gegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
