ECLI:NL:RBDHA:2022:15706
Rechtbank Den Haag · 23-12-2022 · zaaknummer C/09/638214 / KG RK 22/1363
Inhoudsindicatie
Wrakingsverzoek ongegrond. Sky ECC-zaak. Verzoeker legt aan het verzoek ten grondslag dat de motivering van de (tussen)beslissing een grond voor wraking is. Uitgangspunt is dat het gesloten stelsel van rechtsmiddelen zich ertegen verzet dat die motivering grond kan vormen voor wraking, ook indien het gaat om een door de wrakingskamer onjuist, onbegrijpelijk, gebrekkig of te summier geachte motivering of om het ontbreken van een motivering. Dit is uitsluitend anders indien de motivering van de (tussen)beslissing in het licht van alle omstandigheden van het geval en naar objectieve maatstaven gemeten - bijvoorbeeld door de in de motivering gebezigde bewoordingen - niet anders kan worden verstaan dan als blijk van vooringenomenheid van de rechter die haar heeft gegeven. Een dergelijk geval is hier naar het oordeel van de wrakingskamer niet aan de orde. Wrakingsgrond a: Uit de motivering van de rechters blijkt naar het oordeel van de wrakingskamer niet dat de rechters een definitief oordeel hebben gegeven over de relevantie van de prejudiciële vragen aan de Hoge Raad over het interstatelijke vertrouwensbeginsel. De motivering is ook niet onbegrijpelijk en enige objectieve en gerechtvaardigde schijn van vooringenomenheid kan hieruit naar het oordeel van de wrakingskamer ook niet afgeleid worden. Wrakingsgrond b: In de motivering van de meervoudige kamer met betrekking tot de afwijzing van de door verzoeker gedane onderzoekswensen is niets opgenomen over het interstatelijk vertrouwensbeginsel en daaruit volgt dan ook niet dat de rechters daarover dan wel over de rechtmatigheid en de bruikbaarheid van de Sky ECC-gegevens reeds een definitief oordeel hebben gegeven. Uit de motivering blijkt ook dat de rechters de door de raadsman aangevoerde nieuwe feiten en omstandigheden hebben betrokken bij een herbeoordeling van de onderzoekswensen. Zij zagen daarin echter geen klemmende redenen voor een heroverweging van de eerdere afwijzing van deze onderzoekswensen. De motivering van de beslissing is wellicht summier te noemen, maar deze is, mede bezien in het licht van de uitgebreide(re) motivering die tijdens de pro forma-zitting op 29 augustus 2022 is gegeven, voldoende begrijpelijk.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- F.X. Cozijn
- J.C. Reisinger
- M. Rigter
- P. Burgers
Officier van justitie
- M. van Oosten
officier van justitie
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
