ECLI:NL:RBDHA:2022:12836
Rechtbank Den Haag · 11-10-2022 · zaaknummer C/09/635442 / KG RK 22-1167
Inhoudsindicatie
Verzoek tot wraking afgewezen. De rechter heeft op de zitting uitgelegd waarom zij in dit geval geen kennis heeft genomen van de geluidsfragmenten en zij heeft haar afwegingen om dat niet te doen op de zitting duidelijk toegelicht. De wrakingskamer is van oordeel dat uit deze afweging in zoverre geen enkele (objectief gerechtvaardigde schijn van) partijdigheid is af te leiden. Het enkele feit dat de voorzieningenrechter deze geluidsfragmenten eerder wel heeft beluisterd, maakt dat niet anders. Dat de Raad voor de Kinderbescherming alleen kennis heeft genomen van de processtukken van de vader en vervolgens advies heeft mogen geven op basis van wat er is besproken op de zitting, levert nog geen objectief gerechtvaardigde schijn van partijdigheid van de rechter op. Zowel verzoekster als de vader heeft op de zitting zijn/haar standpunt toegelicht en vervolgens is de Raad voor de Kinderbescherming met een advies gekomen. De rechter heeft aangegeven dat zij nog geen inhoudelijke beslissing heeft genomen. Naar het oordeel van de wrakingskamer is hiermee ook niet van (objectief gerechtvaardigde schijn van) partijdigheid bij de rechter gebleken.
Rechters
Advocaten
- E.A. Kazzaz-de Hoog
- L.L. Benink
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
