ECLI:NL:RBDHA:2021:7757
Rechtbank Den Haag · 21-07-2021 · zaaknummer NL21.5369
Inhoudsindicatie
Dublin Duitsland. De rechtbank is van oordeel dat verweerder in het bestreden besluit en ter zitting onvoldoende heeft gemotiveerd waarom hij geen gebruikt heeft gemaakt van zijn discretionaire bevoegdheid om de aanvraag van eiser aan zich te trekken. De beoordeling op grond van artikel 16 van de Dublinverordening is een andere dan die op grond van artikel 17 van de Dublinverordening.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
