ECLI:NL:RBDHA:2021:6932
Rechtbank Den Haag · 29-06-2021 · zaaknummer AWB 20/4265
Inhoudsindicatie
“Reguliere verblijfsvergunning op grond van artikel 8 EVRM, verblijf bij Nederlandse schoonzoon en ruimschoots meerderjarige Amerikaanse dochter, more than the normal emotional ties, eiser kampt met vergevorderde dementie en is volledig zorgafhankelijk, exclusiviteit weegt zwaar mee maar is niet doorslaggevend, reële alternatieven voor vereiste mantelzorg door andere familieleden of derden in Amerika en Japan twijfelachtig, door de in een andere procedure verleende buitenschuld-vergunning is eiser voor 1 jaar gebonden aan Nederland, verlenging tijdelijk verblijfsrecht op voorhand niet gegeven, derhalve levert de weigering om de gevraagde reguliere verblijfsvergunning op grond van artikel 8 EVRM te verlenen een inmenging op.”
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
