ECLI:NL:RBDHA:2021:3950
Rechtbank Den Haag · 25-03-2021 · zaaknummer NL19.28872 en 19.31941
Inhoudsindicatie
Intrekking verblijfsvergunningen asiel voor bepaalde en onbepaalde tijd. Meerdere familieleden. Verstrekken onjuiste gegevens. Vertrouwensbeginsel. Beoordeling actuele vrees voor vervolging/actueel reëel risico op ernstige schade bij terugkeer naar Irak. Unierechtelijk evenredigheidsbeginsel. Uitstel van vertrek. Artikel 8 van het EVRM. De rechtbank concludeert dat verweerder in de zaken van de vader en de moeder (eisers) bevoegd was tot intrekking van de verblijfsvergunningen voor bepaalde en voor onbepaalde tijd. De verblijfsvergunningen zouden niet als zodanig op die namen zijn verleend als verweerder vooraf had geweten dat dit onjuiste identiteiten waren. Het vertrouwensbeginsel verzet zich evenmin tegen intrekking van de verblijfsvergunningen. Daarnaast heeft verweerder zich op het standpunt kunnen stellen dat eisers niet in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a of b, van de Vw 2000. De geloofwaardig geachte elementen leiden op zichzelf bezien, maar ook in onderlinge samenhang bezien en in het licht van de aangehaalde landeninformatie over de situatie in Irak, niet tot de conclusie dat eisers aannemelijk hebben gemaakt dat zij verdragsvluchteling zijn of gegronde redenen hebben om aan te nemen dat zij bij uitzetting een reëel risico lopen op ernstige schade. Ook heeft verweerder terecht geen aanleiding gezien voor een Unierechtelijke evenredigheidstoets aangezien de intrekking van de verblijfsvergunningen asiel voor onbepaalde tijd in de zaken van de vader en de moeder niet tevens de intrekking van de vluchtelingenstatus of subsidiaire beschermingsstatus inhoudt. Verweerder heeft de bestreden besluiten evenwel onvoldoende zorgvuldig voorbereid en gemotiveerd voor wat betreft de beoordeling of aan eisers uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van de Vw 2000 moet worden verleend. Zo heeft verweerder zich onvoldoende ervan vergewist dat de BMA-adviezen van 16 september 2019 en 17 juni 2020 zorgvuldig, inzichtelijk en concludent zijn, nu hierin niet is ingegaan op de vraag of de zorg die in Nederland door de trombosedienst aan eiser wordt verleend ook aanwezig is in Irak. Daarnaast ontbeert het standpunt van verweerder dat in beide zaken aanvullend onderzoek van het BMA niet zou zijn aangewezen een deugdelijke motivering. Onder verwijzing naar onderzoeken van specialist ouderengeneeskunde Beckers hebben eisers in beroep betoogd dat bij hen sprake is van frailty, een geriatrisch syndroom dat, naar de rechtbank begrijpt, meer behelst dan uitsluitend klachten die passen bij het ouder worden. Gelet op het bepaalde in artikel 83, eerste lid, van de Vw 2000 moet de rechtbank ook rekening houden met feiten en omstandigheden die na de bestreden besluiten zijn aangevoerd en die relevant kunnen zijn voor het achterwege laten van de uitzetting op grond van artikel 64 van de Vw 2000. De bestreden besluiten zijn daarnaast ook onvoldoende zorgvuldig voorbereid en gemotiveerd voor wat betreft de beoordeling of aan eisers een reguliere verblijfsvergunning wegens strijd met artikel 8 van het EVRM moet worden verleend. Nu nog niet vaststaat dat eisers Nederland daadwerkelijk zullen verlaten is op dit moment nog onduidelijk of sprake is van een gezamenlijke ontzegging van verblijf in Nederland. Bij deze stand van zaken is dat standpunt van verweerder dan ook niet houdbaar. Gelet hierop zijn de beroepen gegrond. Verweerder zal nieuwe besluiten moeten nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[eiseres]
eiseres · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid te Den Haag
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid te Den Haag
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
