ECLI:NL:RBDHA:2021:2995
Rechtbank Den Haag · 19-03-2021 · zaaknummer 19/610
Inhoudsindicatie
Intrekking en terugvordering. Schending van de inlichtingenplicht, waardoor het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld? Niet aannemelijk gemaakt dat eiseres ten tijde van belang in het Verenigd Koninkrijk heeft gewerkt en dat zij de daaruit verkregen inkomsten voor verweerder heeft verzwegen. Verweerders standpunt dat het recht op bijstand ten tijde van belang door de schending van de inlichtingenplicht niet was vast te stellen is niet houdbaar. Er bestond zodoende geen rechtsgrond voor het herzien van het recht op bijstand en voor de terugvordering. Het bestreden besluit is daarom onzorgvuldig voorbereid en berust niet op een draagkrachtige motivering. Vernieting.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
