ECLI:NL:RBDHA:2021:2262
Rechtbank Den Haag · 01-03-2021 · zaaknummer AWB 19/3558
Inhoudsindicatie
Intrekking reguliere verblijfsvergunning. Niet in geschil is dat eiser een verblijfsrecht ontleent aan Besluit 1/80. Verweerder was bevoegd de verblijfsvergunning van eiser in te trekken op grond van de openbare orde, omdat eiser een werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving vormt. Eiser is meerdere malen veroordeeld voor zeer ernstige misdrijven. Gelet op de ernst van de strafrechtelijke veroordelingen en de actuele en werkelijke bedreiging die het gedrag van eiser nog steeds vormt, levert de weigering eiser verder verblijf toe te staan in Nederland geen schending op van het recht op eerbiediging van het familie- en gezinsleven zoals bedoeld in artikel 8 van het EVRM. Omdat eiser door de intrekking van zijn verblijfsvergunning geen rechtmatig verblijf meer heeft, valt hij niet meer onder de werking van Besluit 1/80. De vraag of het opleggen van een inreisverbod een aanscherping is in vergelijking met de ongewenstverklaring, behoeft daarom geen beantwoording meer.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
