ECLI:NL:RBDHA:2021:1933
Rechtbank Den Haag · 25-02-2021 · zaaknummer NL21.1248 en NL21.1249
Inhoudsindicatie
Eiser heeft de rust- en voorbereidingstijd van artikel 3.109, eerste lid, van het Vb niet ten volle genoten. Schending wordt in dit geval gepasseerd met artikel 6:22 van de Awb. Naar het oordeel van de rechtbank is eiser er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat hij van de Oekraïense autoriteiten geen bescherming kan krijgen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
