ECLI:NL:RBDHA:2020:9996
Rechtbank Den Haag · 07-10-2020 · zaaknummer 09/857268-18
Inhoudsindicatie
een vrouw is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 107 dagen waarvan 90 dagen voorwaardelijk omdat zij zich vier maanden lang schuldig heeft gemaakt aan de handel in soft- en harddrugs en deze drugs ook aanwezig heeft gehad. De vrouw hoeft niet terug naar de gevangenis, gelet op haar persoonlijke omstandigheden en de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan. Zo is gebleken dat zij naar eigen zeggen onder druk werd gezet door een man om te dealen en heeft zij uit financiële noodzaak gedaan wat hij haar opdroeg. Zij lijkt –naar het oordeel van de rechtbank- onvoldoende weerbaar te zijn geweest tegen hem. De rechtbank heeft voorts in aanmerking genomen dat haar opstelling als positief wordt omschreven door de reclassering en zij hulpverlening accepteert.
Advocaten
- B.A.C. Looijestijn
- I. Aardoom-Fuchs
Officier van justitie
- B.A.C. Looijestijn
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
